Het gaat goed in de bouw. De omzet lag in het tweede kwartaal 5,2 procent hoger dan een jaar eerder. Aannemers hebben gemiddeld 11,5 maanden werk op de plank. Zo veel was het nog nooit sinds het EIB dit meet. Wie zoveel werk heeft, kan kiezen. Welke klus neem je aan, en tegen welke prijs?
Maar achter die mooie cijfers speelt iets anders. In april en mei gaven gemeenten opvallend veel vergunningen af voor nieuwbouwwoningen. Normaal zijn dat er zo'n 7.100 per maand. Nu waren het er 8.500 en zelfs 10.800. De vergunde bouwkosten verdubbelden bijna, naar 6,3 miljard euro.
De reden? Het stroomnet. Sinds 1 juli krijgen nieuwe woningen niet meer automatisch een aansluiting. In gebieden met netcongestie moet de gemeente voorrang aanvragen bij de netbeheerder. Woningbouw staat hoog op die lijst, maar een garantie is het niet meer. Veel gemeenten hebben dus snel nog vergund wat er te vergunnen viel.
Alleen: een vergunning is geen sleutel. Er worden nog steeds meer woningen vergund dan gebouwd. In het tweede kwartaal werden er ruim 16.400 opgeleverd, een heel gewoon aantal. Komt de stroom er niet, dan schuift het project gewoon op.
Intussen blijft het knellen. Er staan ruim 28.000 vacatures open in de bouw. En het aantal faillissementen liep op tot 133 in één kwartaal. Druk en kwetsbaar tegelijk, dat is de bouw van nu. De groei zit vooral in de infra. Woningbouw en utiliteitsbouw blijven achter.
Wat betekent dit voor jou? Kijk eens naar je eigen orderboek. Hangt je planning af van projecten die nog op een netaansluiting wachten? Zijn je prijsafspraken bestand tegen een half jaar vertraging? En kun je dat financieel opvangen als een opdrachtgever later start?
Volle orderboeken geven rust. Maar een orderboek is nog geen kasstroom. Wie nu planning en liquiditeit tegen het licht houdt, staat sterker als het net even vastloopt. Letterlijk.
Wil je weten waar jouw bouwbedrijf financieel staat als projecten vertragen of verschuiven? Neem gerust contact met ons op. Wij kijken graag met je mee.