Een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E), ook wel veiligheidsplan, is volgens de Arbowet voor veel bedrijven verplicht. Het geldt namelijk voor alle bedrijven waar mensen onder gezag werken (bijvoorbeeld meewerkende gezinsleden, medewerkers in loondienst en bedrijfsverzorging).
Voor het werk zelf dat wordt uitgevoerd door de loonwerker, de KI (kunstmatige inseminatie) en de dierenarts die op een bedrijf komen, hoeft geen RI&E gemaakt te worden. Dat moet hun eigen werkgever doen. Maar de bedrijfseigenaar is wel verantwoordelijk voor de veiligheid van deze bezoekers/werkenden voor zover hij daar invloed op kan uitoefenen. Het is daarom toch raadzaam hiervoor een RI&E op te stellen.
In de Gecombineerde opgave wordt gevraagd of het bedrijf over een veiligheidsplan beschikt. Het beschikken over een dergelijk plan maakt onderdeel uit van de sociale conditionaliteiten en kan bij het ontbreken hiervan leiden tot een korting op de GLB-betalingen.
Wanneer een verplichte RI&E ontbreekt, kan dit leiden tot een boete van de Nederlandse Arbeidsinspectie. Daarnaast kan het ontbreken van een RI&E of veiligheidsbeleid gevolgen hebben voor de verzekeringsuitkering bij een ongeval, afhankelijk van de polisvoorwaarden en de omstandigheden van het geval. Let daarbij goed op de eisen die de aansprakelijkheidsverzekering stelt.
In een RI&E moet vastgelegd worden welke gezondheids- en veiligheidsrisico’s de werkzaamheden in het bedrijf met zich meebrengen. Ook moeten deze risico’s geëvalueerd worden. Er dient onderzocht te worden hoeveel medewerkers worden blootgesteld aan een risico, hoe lang de blootstelling duurt en hoe groot de kans is dat een bepaald risico zich daadwerkelijk voordoet.
Bij de RI&E hoort ook een plan van aanpak waarin wordt beschreven welke maatregelen worden genomen om de risico’s zo veel mogelijk te beperken. Het plan zal ook regelmatig geactualiseerd moeten worden, bijvoorbeeld bij wijzigingen in de bedrijfsvoering.
Een bedrijf mag zelf een RI&E opstellen, maar deze moet bij bedrijven met meer dan 25 medewerkers getoetst worden door een gecertificeerde deskundige. Bij minder dan 26 medewerkers kan een werkgever gebruikmaken van een erkende branche-RI&E. Deze hoeft dan niet getoetst te worden.
Voor de agrarische sector zijn veel branchegerichte RI&E’s beschikbaar, bijvoorbeeld via Stigas, waarvan gebruikgemaakt kan worden.
Heb je naar aanleiding van dit artikel nog vragen of wil je hierover sparren? Neem dan contact op met onze agri-specialisten.